Cursus Raku / Geavanceerd / Subroutines / De Whatever-ster / Exercises
Een Whatever met twee argumenten
Opgave
Elke * in een Whatever-uitdrukking is een apart
argument, dus een uitdrukking met twee sterren bouwt een functie met
twee argumenten. Schrijf er een die haar twee argumenten met een
koppelteken ertussen aan elkaar plakt — * ~ '-' ~ * —
bewaar hem in een variabele, roep hem daarna aan met 'a' en
'b' en druk het resultaat af.
Voorbeeld
Het programma drukt af:
a-bOplossing
Cursusnavigatie
← Oplossing: Whatever met map | Oplossing: Een Whatever met twee argumenten →