Cursus Raku / Geavanceerd / Operatoren / Traits en pragma’s / Exercises
Een aangepaste trait
Opgave
Een eigen trait kan een argument aannemen in plaats van alleen
aanwezig of afwezig te zijn. Schrijf een trait is role(...)
die een string accepteert en, in een hash met de naam van de subroutine
als sleutel, de rol vastlegt die aan die subroutine is toegekend.
Pas is role('admin') toe op een subroutine
login en druk daarna de rol af die voor login
is opgeslagen.
Voorbeeld
Het programma drukt af:
adminOplossing
Cursusnavigatie
← Oplossing: Een schrijfbare parameter | Oplossing: Een aangepaste trait →